CEVO minimumlijst
grieks
vereiste minimumkennis miv 2011:
Bijwoorden

Het Griekse bijwoord

Een bijwoord zegt iets van een werkwoord, een bijvoeglijk naamwoord of een ander bijwoord.
  • werkwoord: hij loopt hard
  • bijvoeglijk naamwoord:hij loopt erg hard
  • ander bijwoord: hij loopt heel erg hard

Op de volgende manieren wordt een bijwoord gevormd:

  • gevormd van bijvoeglijke naamwoorden met de uitgang -wj
    • ¢lhq(e)wj = werkelijk, echt, naar waarheid
    • kakwj = slecht
    • kalwj = mooi
    • Ðmîj = op gelijke wijze
    • oØtw(j) = zó, op die manier
  • de acc. onzijdig gebruikt als bijwoord
    • bij vergrotende trap de: acc.ev. O.:
      • qasson = snel(ler)
      • mallon = (+ gen. of º ) meer (dan)
      • proteron = vroeger
    • bij overtreffende trap de: acc. mv. O:
      • kallista = zeer mooi (Her. I,30)
      • malista = zeer veel, het meest
    • de acc.ev. of mv. O. wordt ook wel gebruikt als bijwoord:
      • mega = zeer, luid
      • pan, to parapan = geheel en al
      • panta = in alle opzichten
      • polla = veel
      • teloj = tenslotte
  • onregelmatige, bijzondere of andere
    • aÙtika = meteen, direkt
    • ¢kewn = tegen mijn zin
    • a„ya = snel
    • e„sw = naar binnen, binnen
    • ™ndon = binnen
    • ™xw = naar buiten, buiten
    • = goed
    • ºdh = reeds, al
    • mala = zeer, erg
    • meta de = (en) daarna
    • nun = nu
    • tote = toen, op dat moment
    • proterw = verder

 

 

Als je het Griekse font nog niet hebt gedownload en geïnstalleerd, doe dat dan eerst hier.

GRIEKSE VORMLEER

  1. vormleer: deze behandelt de vormen, verbuiging en vervoeging van de verschillende woordsoorten
  2. syntaxis: deze behandelt het vormen van structuur in zinnen en van zinsverband
  3. stilistica:
    1. a - c
    2. d - m
    3. n - z

Vormleer per onderdeel

  1. lidwoord
  2. zelfstandig naamwoord
    1. -a / -h stammen
    2. -o stammen
    3. medeklinker stammen
  3. bijvoeglijk naamwoorden
    1. -o / -a stammen
    2. medeklinker stammen
    3. megaj en poluj
  4. trappen van vergelijking
  5. bijwoorden
    1. correlativa
  6. telwoorden
  7. voornaamwoorden
    1. aanwijzende
    2. onbepaalde
    3. vragende
    4. persoonlijke
    5. bezittelijke
    6. betrekkelijke
    7. wederkerende
    8. corresponderende
  8. werkwoorden
    1. luw Act.
    2. luw Med
    3. luw Pas.
    4. contracta A
    5. contracta M/P
    6. athematisch. A
    7. athematisch. M
    8. athematisch. P
    9. e„m… en emi
  9. stamtijden compl.
    1. onr. aoristi
    2. onr. futura
    3. onr. perfecta