het gebruik van participia niet voorafgegaan door een lidwoord
participia in de nominativus

Bij het vertalen van Griekse participia moet je vooral letten op enerzijds aspect van de handeling anderzijds op de gelijktijdigheid (terwijl, toen), voortijdigheid (nadat) en natijdigheid ( om te). En als het niet zelfstandig gebruikt is, congrueert het met het woord waar bij hoort!

Klik hier voor de VORMEN van de participia

Voorbeelden van participia zonder lidwoord in de nominativus:
  1. Vertaling:
    1. part. praes.: gelijktijdig begin met het voegwoordje "terwijl", "wanneer", maak van het nomen onderwerp en vertaal het part. als persoonsvorm. Kijk eventueel daarna pas of "hoewel, omdat etc." soms beter past.
      1. t… .... thnd' ¢gous' ™rhmian ˜sthkaj;= waarom sta je terwijl je deze eenzaamheid leidt = zo alleen? (Eur. Med. 50/51)
      2. qreomenh .. kaka = terwijl je jammert over de rampen (Eur. Med. 51)
      3. ta despotwn kakwj pitnonta = de zaken van de meesters wanneer die slecht uitvallen (Eur. Med. 54/55)
    2. part. perf..: gelijktijdig begin met het voegwoordje "terwijl, toen" maak van het nomen onderwerp en vertaal het part. als persoonsvorm. Bij het gebruik van het perf. zag de Griek het resultaat voor zich. Kijk eventueel daarna pas of "hoewel, omdat etc." soms beter past. Kijk eventueel daarna pas of "hoewel, omdat etc." soms beter past:
      leloumenoj = toen hij gewassen was / fris gewassen (Plato Phaedo)
    3. part. aor.: voortijdig begin met het voegwoordje "nadat" maak van het nomen onderwerp en vertaal het part. als persoonsvorm. Kijk eventueel daarna pas of "hoewel, omdat etc." soms beter past
      1. tauta gar ™gw ¢kousaj = nadat ik dat gehoord had (Plato Apol)
      2. staj par' aÙtÒn = nadat hij bij hem was gaan/blijven staan(Plato Phaedo)
      3. dialecqeij te kai ™pisteilaj = nadat hij (met hem) gesproken had en opgedragen had (Plato Phaedo)
      4. (su) ™cqran thn prin ™kbalousa = (jij) nadat je de vroegere haat hebt afgelegd (Eur. Troi. 59)
      bolaj labousa = nadat je de schichten ontvangen hebt (Eur. Troi. 92/93)
    4. part. fut: : natijdig = "om te"

    5. nom. cum participio: vertaal als a.c.i: vul in "dat", dan het ondw. dan ptcp. als persoonsvorm.
      1. sunoida ™mautJ sofoj çn = ik ben mij(zelf) bewust dat ik wijs ben (in) (Plato Apol)