CEVO minimumlijst
grieks
vereiste minimumkennis miv 2011:
Vragende en onbepaalde voornaamwoorden

Vragende en onbepaalde voornaamwoorden

t…j, t… wie?, wat?, welke? (altijd accent op de eerste lettergreep!)

M + V
O
 
enkelvoud
nom. t…j t…
gen. t…noj t…noj
dat. t…ni t…ni
acc. t…na t…
 
meervoud
nom. t…nej t…na
gen. t…nwn t…nwn
dat. t…si(n) t…si(n)
acc. t…naj t…na

tij, ti iemand, iets, een of ander(e), sommige (nooit accent op de eerste lettergreep!
(beh. bij tij en ti als er een accentloos woordje achter staat!)
M +V
O
 
enkelvoud
nom. tij ti
gen. tinoj tinoj
dat. tini tini
acc. tina ti
 
meervoud
nom. tinej tina
gen. tinwn tinwn
dat. tisi(n) tisi(n)
acc. tinaj tina
N.B. ti achter een woord versterkt dat woord.

 

 

Als je het Griekse font nog niet hebt gedownload en geïnstalleerd, doe dat dan eerst hier.

GRIEKSE VORMLEER

  1. vormleer: deze behandelt de vormen, verbuiging en vervoeging van de verschillende woordsoorten
  2. syntaxis: deze behandelt het vormen van structuur in zinnen en van zinsverband
  3. stilistica:
    1. a - c
    2. d - m
    3. n - z

Vormleer per onderdeel

  1. lidwoord
  2. zelfstandig naamwoord
    1. -a / -h stammen
    2. -o stammen
    3. medeklinker stammen
  3. bijvoeglijk naamwoorden
    1. -o / -a stammen
    2. medeklinker stammen
    3. megaj en poluj
  4. trappen van vergelijking
  5. bijwoorden
    1. correlativa
  6. telwoorden
  7. voornaamwoorden
    1. aanwijzende
    2. onbepaalde
    3. vragende
    4. persoonlijke
    5. bezittelijke
    6. betrekkelijke
    7. wederkerende
    8. corresponderende
  8. werkwoorden
    1. luw Act.
    2. luw Med
    3. luw Pas.
    4. contracta A
    5. contracta M/P
    6. athematisch. A
    7. athematisch. M
    8. athematisch. P
    9. e„m… en emi
  9. stamtijden compl.
    1. onr. aoristi
    2. onr. futura
    3. onr. perfecta