Het telwoord eƒj = één en samanstellingen

eƒj, ˜noj, ˜ni, ˜na = één (M)
mia = één (V)
˜n, ˜noj, ˜ni, ˜n = één
(O)

 

Hetzelfde worden verbogen (oÙd)eij, (oÙd)emia, (oÙd)en = niemand, niets
en mhdeij, mhdemia, mhden = niemand, niets

M
V
O
 
enkelvoud
nom. (oÙd)eij (oÙde)mia (oÙd)en
gen. (oÙd)enoj (oÙde)miaj (oÙd)enoj
dat. (oÙd)eni (oÙde)miv (oÙd)eni
acc. (oÙd)ena (oÙde)mian (oÙd)en

duw = twee

nom +acc =
duw
gen + dat =
duoin