vereiste minimumkennis vormleer in 2018

Voorzetsels met accusativus

  • ¢mfi, ¢mf'+ acc.
    • om (..heen)
    • omstreeks
    • in samenstellingen: aan beide kanten, om
  • ¢na, ¢n'
    • (langs ... )omhoog;
    • verspreid over, in
      • ¢na qumon = in hun hart (Hom. Od. X, 63)
    • overdrachtelijk
    • in samenstellingen: op, omhoog: (de zee) op, (het land) in, terug, wederom
  • e„j, ™j + acc.
    • .... in. naar
      • ™j to o„khma = het vertrek binnen (Her. I, 10; I, 12)
      • ™j thn koithn = naar het bed (Her. I,10)
      • ¢porriptw ™j to mhden = tot niets reduceren (Her. I,32)
    • in (na erin gegaan te zijn)
      • ™j to o„khma = in het vertrek (Her. I, 9)
    • overdrachtelijk
      • ™j a„scunhn megalhn ferei = leidt tot grote schande (Her. I,10)
      • sunebhsan ™j twuto = zij gingen samen naar hetzelfde = zij kwamen overeen (Her. I,10)
      • ™j to pempton ¢pogonon = (wraak zou neerdalen) op het 5e geslacht (Her. I, 13)
    • in samenstelingen: in, naar (binnen)
  • æj + acc. = naar
 
 
 
 
 

CvTE minimumlijst

Syntaxis Grieks overzicht

GRIEKS

Als je het Griekse font nog niet hebt gedownload en geïnstalleerd, doe dat dan eerst hier.

Griekse Grammatica

  1. vormleer: deze behandelt de vormen, verbuiging en vervoeging van de verschillende woordsoorten
  2. syntaxis: deze behandelt het vormen van structuur in zinnen en van zinsverband

stilistica en taaleigen
zie bij vormleer.

Syntaxis per onderdeel

  1. Congruentie
  2. Gebruik lidwoord
  3. Functies naamvallen
    1. Nominativus
    2. Genitivus
    3. Dativus
    4. Accusativus
  4. Gebruik voorzetsels
    1. met genitivus
    2. met dativus
    3. met accusativus
    4. met gen. èn acc.
    5. met gen, dat.. èn acc
  5. Gebruik van de infinitivus
  6. Gebruik van participium
  7. Gebruik van de modi
  8. Tijd en aspect
  9. Vraagzinnen
  10. Bijzinnen
    1. causale
    2. concessieve
    3. conditionele
    4. declaratieve
    5. finale
    6. relatieve
    7. temporele
  11. Ontkenningen