thematisch praesens/imperfectum medium/passief nikaw

AC

 

INDIC

ATIVUS

nikaw
   

 

TIO

P/G

praesens

imperfectum

CONIUNC

OPTA

IMPERA

INFINITIVUS

D

1.sg

nikwmai

™nikwmhn

nikwmai

nikJmhn

 

nikasqai

U

2.sg

nikv

™nikw

nikv

nikJo

nikw

te overwinnen vz /overwonnen te w.

R

3.sg

nikatai

™nikato

nikatai

nikJto

 

PARTICIPIUM

A

1.pl

nikwmeqa

™nikwmeqa

nikwmeqa

nikJmeqa

 

nikwmenoj

T

2.pl

nikasqe

™nikasqe

nikasqe

nikJsqe

nikasqe

nikwmenh

I

3.pl

nikwntai

™nikwntai

nikwntai

nikJnto

 

nikwmenon

VA

vert

ik overwin vm / ik word overwonnen

ik overwon vm / ik werd overwonnen

laat ik overwin-nen vm /laat ik overwonnen w.

moge ik overwin-nen vm / moge ik overwonnen w.

overwin vj.!

overwinnend vz / overwonnen wordend

    gebruik inf.
    verbuiging ptcp
    vertaling ptcp
Bij Herodotos en Homeros zijn veel van de vormen van de verba nog niet samengetrokken.
Bij Homeros komt veelvuldige het verschijnsel metrische diektasis voor:: de tot -w- samengetrokken vormen worden weer uit elkaar getrokken, maar niet -aw- maar tot -ow-: bv. eÙcetownto (Od. XII,356)
 
Tijd "praesens" (actio durativa)
  • "praesens" (actio durativa)
    • indicativus praesentis drukt tegenwoordige tijd uit
    • indicativus imperfecti drukt verleden tijd uit
    • andere modi drukken zich geen tijd uit of geven gelijktijdigheid aan
Aspect "praesens" (actio durativa)
  • "praesens" (actio durativa) aspect "niet afgesloten"
    • handeling/gebeurtenis/proces is/was nog aan de gang
    • beschrijving van situatie
    • de conatu: "proberen"; uit de tekst blijkt dat het beschrevene nog niet bereikt is/was