suffixen bij Homeros
De volgende suffixen (achtervoegsel) komen voor:
  • -fi wordt wordt gebruikt in plaats van een genitivus of dativus:
    • dakruofin = (dat.) met tranen (Hom. Od. X, 248)
    • kraterhfi bihfin = (dat.) met krachtig geweld (Hom. Od. XII, 210)
    • bihfi = (dat.) met/in kracht (Hom. Od. VI, 6)
    • fainomenhfi = (dat.) de aanbrekende(Hom. Od. VI, 31)
  • -qen geeft aan "waarvandaan" (Let op de Grieken kijken net andersom dan wij tegen de "oorsprong" aan: bv. zij zeggen: "de appel hangt vanaf de boom", maar wij: "aan de boom"!!)
    • ¢mfoterwqen = aan beide kanten (Hom. Od. X, 88)
    • ¢lloqen ¢lloj = lett. "van de andere kant een ander" = de een van hier, de ander van daar (Hom. Od. X, 119)
    • daithqen = van de maaltijd, van tafel (komend) (Hom. Od. X. 216)
    • Ñpisqen = aan de achterkant, achter(af): basiswoordje!
    • ˜katerqen = aan weerszijden van (Hom. Od. VI, 19)
  • -qi , -ou geeft aan de plaats waar
    • aÙtoà = "op de plaats zelf", ter plekke (Hom. Od. IX, 96; X, 266, 271)
    • Ðqi = waar (Hom. Od. X. 82; VI, 35)
    • aÙtoqi = "op de plaats zelf", ter plekke (Hom. Od. X, 132)
    • ºwqi pro = vroeg in de ochtend (Hom. Od. X, 36)
  • -de (na een accusativus!) geeft aan de plaats "waarheen"
    • o„kad' ¢gesqai = voor zich meenemen naar huis (Hom. Od. X, 35)
    • pontonde = naar zee (Hom. Od. X, 48)
    • ¢stude = naar de stad (Hom. Od. X, 104)
    • sufeonde = naar het varkenskot (Hom. Od. X, 320)
    • ¡lade = naar zee (Hom. Od. X, 351)
    • AŽdosde = naar het huis van Hades (Hom. Od. VI, 11)
  • -se, -ze geeft aan de "richting waarheen"
    • keise = daarheen, gindsheen (Hom. Od. X, 266; XII,221;)
    • quraze = naar de deur (Hom. Od. VI, 53;)