Voorzetsels met genitivus of accusativus

  • dia , di' = +gen.
    • door (....heen)
      • ƒonta dia qurewn = gaande door de deur(vleugels) (Her. I,9)
      • dia nhoj „wn = door het schip gaande (Hom. Od. XII, 206)
  • dia , di' = +acc.
    • vanwege, door toedoen van
      • di' ¹n a„tihn = door welke oorzaak (Her. I,8)
  • dia , di' in samenstellingen: door...heen, over, uiteen
  • kata , kat' , kaq' + gen.
    • vanaf (...naar beneden), onder; tegen, ten nadele van
    • vaste uitdrukkingen:
      • kata nwtou = in/achter haar rug (Her. I, 9; I,10))
  • kata , kat' , kaq' + acc.
    • wat betreft, wegens, in overeenstemming met; tijdens; langs; (verspreid) over
      • kata ton aÙtÕn cronon = tijdens/in/gedurende dezelfde tijd (Her. I, 12)
      • kata touj qhsaurouj = langs de schatkamers(Her. I, 30)
      • Ðn kata qumon = wat betreft/ in zijn (eigen) hart (Hom. Od. I, 4)
      • kata ·oon = in/verspreid over de stroom (Hom. Od.XII, 204)
    • vaste uitdrukkingen:
      • kata ˜n = één voor één (Her. I, 9)
      • kat' ¹sucihn pollhn = in alle rust (Her. I, 9)
      • kata kairon = op een geschikt moment (Her. I, 30)
      • kata moiran = naar behoren (Hom. Od. X, 16)
  • kata-, kat-, kaq- in samenstellingen met werkwoorden:
    • volledig, geheel; naar beneden
      • . katesqiw = opeten (Hom. Od. I, 8)
  • meta , met' , meq' + gen.
    • met
  • meta , met' , meq' + acc.
    • na
      • meta d' ™me = na mij (Her. I,9)
      • meta tauta = na die dingen = daarna (Her. I,10; I, 12 )
  • meta , met' , meq' + dat. (alleen bij Homerus!!)
    • te midden van
      • met' ¢ndrasi = te midden van de mannen (Hom. Od. IX, 96)
  • meta , met' , meq' in samenstellingen: mede, ver(andering)
  • Øper + gen.
    • boven; ter bescherming van
  • Øper + acc.
    • over ... heen; ...overschrijden, te boven gaand
  • Øper in samenstellingen: over, boven(mate)