CvE minimumlijst
latijn
vereiste minimumkennis syntaxis 2017:

Conditionele bijzinnen

Voorwaardelijke (conditionele) bijzinnen: zijn bijzinnen die een voorwaarde bevatten, afhankelijk van welke voorwaarde ze stellen, staan ze in de indicativus of coninunctivus en worden ingeleid door:

    • si = als, indien
    • etiamsi = ook al indien, zelfs indien
    • quodsi = en indien, maar indien
    • sin = maar indien, indien echter
    • si non, nisi, ni = indien niet, als niet, tenzij
    • nisi quod = tenzij dat, behalve dat
    • nisi forte, nisi vero = tenzij wellicht, of het moest zijn dat

De voorwaarden in een voorwaardelijke bijzin kunnen op 3 manieren voorgesteld worden:

  1. als werkelijkheid: realis
  2. als mogelijkheid : potentialis
  3. als niet-werkelijkheid: irrealis
Meestal staan bij voorwaardelijke (conditionele) bijzinnen dezelde modi in hoofd- en bijzin. Alleen staat in de irrealis in de hoofdzin soms een indicativus ipv een coniunctivus:
  • realis: drukt uit dat de voorwaarde gezien wordt als een werkelijkheid en staat in de indicativus.
    • si nihil ... fieri potest = als niets ... gedaan kan worden (Sen. ep. 23)
    nisi modum tenuit = als hij geen maat heeft gehouden(Sen. ep. 23)
  • irrealis: drukt uit dat de voorwaarde gezien wordt als een niet-werkelijkheid
    • voor het heden: coni. imperfecti.
      • nisi liberos eorum, quos interfecisset, comprehensos in custodia haberet et tempore alium alio tolleret. = als hij niet de kinderen van hen, die hij gedood had, in verzekerde bewaring zou houden, nadat ze opgepakt waren, en hij niet de een op dit, de ander op dat tijdstip zou doden.
    • voor het verleden: coni. plusquamperfecti.
      • si aperta ianua fuisset, funus meum parares = Als de deur open was geweest, zou u mijn begrafenis voorbereiden.
  • potentialis: drukt uit dat de voorwaarde gezien wordt als een mogelijkheid en staat in de coni. praesentis of perfecti.
    nisi ... temperentur = als zij niet gematigd zouden worden ( maar zou kunnen) (Sen. ep. 23)
  • zinnen ingeleid door:
    • dum, dummodo, modo+ coni. = mits, als maar (ontkenning: ne)
 
 
 
 
 
 
 
 

 

 

 

 

Latijnse grammatica

vormleer: deze behandelt de vormen, verbuiging en vervoeging van de verschillende woordsoorten

syntaxis: deze behandelt het vormen van structuur in zinnen en van zinsverband

stilistica en taaleigen
zie onder vormleer!


Syntaxis per onderdeel:

  1. participium
  2. ablativus absolutus.
  3. gerundi(v)um
  4. infinitivus constructies
  5. vraagzinnen
  6. modi in hoofdzin
  7. modi in bijzinnen
    1. van doel
    2. van oorzaak/reden
    3. vergelijkende
    4. van toegeving
    5. van voorwaarde
    6. van gevolg
    7. betrekkelijke
    8. van tijd
  8. nom. voc. locativus
  9. genitivus
  10. dativus
  11. accusativus
  12. ablativus