CvE minimumlijst
latijn
vereiste minimumkennis vormleer 2017:

fio - factus sum - fieri
= 1) worden 2) gebeuren 3) gemaakt worden

Fio is een zgn semi-deponens (halve deponens), d.w.z. het praesens, imperfectum en futurum hebben actieve vormen: fio (en gaat volgens audio)
maar het perfectum ; plusquamperfectum en futurum exactum en de infinitivus praesens hebeen passieve vormen: factus sum en fieri.

Factus sum
etc. is dus zowel het perfectum ; plusquamperfectum en futurum exactum van fio als van facio!

 

 
Indicativus
Coniunctivus Imperativus Infinitivus
praesens
imperfectum
     
P 1ev fi o fi ebam fi am   fieri
R 2ev fi s fi ebas fi as fi te worden
A 3ev fi t etc. etc   Participium
E 1mv fi imus        
S 2mv fi tis     fite  
E 3mv fi unt        
N ik word ik werd laat ik worden wordt)  

Omdat de infinitivus fieri is wijkt dus de coniunctivus imperfecti af van audio en is: fierem, fieres etc.

 

Latijnse grammatica

  1. vormleer: deze behandelt de vormen, verbuiging en vervoeging van de verschillende woordsoorten
  2. syntaxis: deze behandelt het vormen van structuur in zinnen en van zinsverband
  3. stilistica en taaleigen
    1. algemeen:
      1. a - b
      2. c - m
      3. n - z
      4. narratologie
      5. argumentatie

Vormleer per onderdeel :

  1. zelfstandige naamwoorden
    1. geslachtsregels
  2. bijvoeglijke naamwoorden
    1. corresponderende
  3. bijwoorden
    1. corresponderende
  4. telwoorden
  5. voornaamwoorden
    1. aanwijzende
    2. onbepaalde
    3. vragende
    4. persoonlijke
    5. bezittelijke
    6. betrekkelijke
  6. verba algemeen
    1. onvoltooid act.
    2. onvoltooid pas.
    3. voltooid. act.
    4. voltooid pas.
  7. deponentia
    1. onvoltooid
    2. voltooid
  8. onregelmatige ww
    1. fio fieri
    2. nolo, volo
    3. sum, possum
    4. eo
    5. fero
  9. stamtijden
    1. gewone
    2. (semi)deponentia