CvE minimumlijst
latijn
vereiste minimumkennis syntaxis 2017:

het gerundium

Wat hieronder volgt is de complete uitleg van het gerundium en gerundivum met hun constructies. Voor het goed vertalen ervan is het slechts nodig de -nd- vormen te herkennen en hier het vertaalstappenplan te volgen.

Het gerundium is het werkwoord (de infinitivus) gebruikt als zelfstandig naamwoord: "het roepen".
Vorm is praesensstam -nd- + uitgangen ev. van bellum:
nom. vocare het roepen
gen. vocandi van het roepen
dat. vocando aan/voor het roepen
acc. ad vocandum tot het roepen > om te roepen
abl. vocando door het roepen

In de zgn gerundiumconstructies is het gerundium niet alleen ZN maar blijft ook werkwoord en kan dus een lijdend voorwerp bij zich hebben dus een acc.! (of in de naamval die bij een ww. hoort), bijv:

epistulam scribere: = "het-een-brief-schrijven" > "het schrijven van een brief".
NB: ad utendum libro = "tot-het-een-boek-gebruiken" > tot het gebruiken van een boek > om een boek te gebruiken.
vinum bibendo: = "door het-wijn-drinken" > "door het drinken van wijn".

 

het gerundivum

Het gerundivum is het werkwoord gebruikt als bijvoeglijk naamwoord met de betekenis -swaardig of "moetende worden":
M
F
N
enkelvoud
nom. vocandus vocanda vocandum
gen. vocandi vocandae vocandi
dat. vocando vocandae vocando
acc. vocandum vocandam vocandum
abl. vocando vocanda vocando
meervoud
nom. vocandi vocandae vocanda
gen. vocandorum vocandarum vocandorum
dat. vocandis vocandis vocandis
acc. vocandos vocandas vocanda
abl. vocandis vocandis vocandis

Gebruik van het gerundivum in de zgn gerundivumconstructies:
  • als bijvoeglijk naamwoord of met vorm van esse ("zijn") of videri ("schijnen") in de nom. of acc.-zonder-voorzetsel: (ook in de a.c.i. als esse erbij gedacht moet worden!:)
    • -swaardig:
      • servus laudandus est = de slaaf is prijzenswaardig / hij is een prijzenswaardige slaaf
      • liber legendus/scribendus videtur = het boek schijnt lezenswaardig/schrijvenswaardig
    • "moetende worden", door wie iets (gedaan) moet worden staat in de dat. auctoris!
      • progenies .. haud infitianda parenti = zoon .. die niet verloochend moet worden door zijn vader. (Ov. Met. II,34)
      • dis iuranda palus = poel waarbij door de goden gezworen moet worden. (Ov. Met. II,46)
      • (Caesar dixit) miltibus suis fortiter cum inimicis pugnandum (esse) = dat er door zijn soldaten dapper met de vijanden gestreden moest worden.
  • zonder vorm van esse of videri ( de zgn. gerundivumconstructie):
    • het zgn. dominant gebruik, vertaling als het gerundium en in de vertaling het woordje "van" gebruiken, ook al staat er in het Latijn geen gen.
      • Na vz: Milites mittuntur ad hostes profligandos = soldaten worden gestuurd tot het verslaan van de vijanden. (> om ....te verslaan)
      • Na vz: De Pompeio interficiendo consilia capiunt = zij maken plannen over / aangaande het doden van Pompeius (> om .....te doden)
      • abl.: Pompeio interficiendo Augustus princeps factus est = door het doden van Pompeius is Augustus keizer geworden.
      • dat.: Tresviri creati sunt legibus scribendis = er zijn driemannen gekozen voor het schrijven van de wetten. (> om...te schrijven)
      • gen.: Consilium capimus urbis delendae = wij vatten het plan op van het verwosten van de stad (> om...te verwoesten)
  • bijzonderheden:
    • na ww. van "geven" : om te...
      • mihi senatus urbem defendendam dat = de senaat geeft mij de stad om (haar) te verdedigen.
    • curo + -nd- vorm: laten...
      • Caesar pontem faciendum curat = Caesar laat een brug bouwen.

Latijnse grammatica

vormleer: deze behandelt de vormen, verbuiging en vervoeging van de verschillende woordsoorten

syntaxis: deze behandelt het vormen van structuur in zinnen en van zinsverband

stilistica en taaleigen
zie onder vormleer!


Syntaxis per onderdeel:

  1. participium
  2. ablativus absolutus.
  3. gerundi(v)um
  4. infinitivus constructies
  5. vraagzinnen
  6. modi in hoofdzin
  7. modi in bijzinnen
    1. van doel
    2. van oorzaak/reden
    3. vergelijkende
    4. van toegeving
    5. van voorwaarde
    6. van gevolg
    7. betrekkelijke
    8. van tijd
  8. nom. voc. locativus
  9. genitivus
  10. dativus
  11. accusativus
  12. ablativus