CvE minimumlijst
latijn
vereiste minimumkennis syntaxis 2017:

infinitivusconstructies

A.C.I.: Na werkwoorden van waarnemen (ook in Ned.!), menen, weten, zeggen (verba sentiendi en declarandi) en na werkwoorden die een gevoel uitdrukken (verba affectuum) en na iubeo, veto, sino patior en na volo, nolo, malo, cupio volgt in het Latijn de aci.

Vertaling: vul eerst het woordje "dat" in, vertaal dan de acc. als ondw. en de inf. als persoonsvorm. Wanneer er twee acc. staan moet je uit het zinsverband opmaken welke ondw. is en welke lijd.vw!

Let op: inf. pr.= gelijktijdig; inf. perf. = voortijdig; inf. fut. = natijdig.
Algemene bijzonderheden A.C.I.:
  1. Het voornaamwoord se als onderwerpsaccusativus slaat altijd terug op te onderwerp van het hoofdwerkwoord en kan ev of mv zijn: te vertalen als hij, zij, het of zij, ze (mv). De voornaamwoorden eum, eam en eos slaan nooit terug op het onderwerp van het hoofdwerkwoord.
  2. Na onpersoonlijke uitdrukkingen en werkwoorden als volo en cupio kan zowel een aci als een aanvullingsinfinitivus voorkomen
    .
Voorbeelden:
  • gewone aci
    • na verba sentiendi en declarandi:

    • na verba affectuum

    • na volo, nolo, malo, cupio:
    mallet victoriam esse = ..... hij liever wilde dat de overwinning was
    • na iubeo : als de persoon aan wie bevolen wordt er niet bij staat, krijg je inf. passief.
      • infamandae rei causa ianuam obserari iubet, = beveelt hij de deur te vergrendelen om de zaak in een kwaad daglicht te stellen
      • adservari iussus (est) = (hem is) bevolen in het oog te houden
    • na veto, sino, patior

      • :
  • aci in betrekkelijke bijzinnen
    • oscula, quae non est vidisse satis = lippen (lett. welke niet genoeg is gezien te hebben =) waarvan het niet genoeg is ze gezien te hebben (Ov. Met. I,466) (NB. dit slaat op de tweeledige betekenis van osculum "lippen" maar ook "kusjes"!)
    in qua nihil mali esse, quisquis .... intellegit. = (en) dat daarin niets kwaads is, begrijpt iedereen die ..... (Sen. Helviam X;i)
  • aci met weglating van "esse":
    • fama accepit Hannibalem Alpes transgressum (esse), = hij vernam bij geruchte dat Hannibal de Alpen overgetrokken was
    • a Philippo rege se missum (esse) ait = hij zei dat hij door koning Philippus gezonden was
    • alii alia ... sermonibus .. ferebant Romanos facturos (esse) = de een voerde in gesprekken aan dat de Romeinen dit, de ander dat ze dat zouden doen.
    • vix cuiquam persuadebatur Graecia omni cessuros (esse) = nauwelijks iemand werd overtuigd, dat zij uit heel Griekenland zouden weggaan
    • ludibrio futuros (esse) non regis modo sed custodum etiam libidini rata = in de mening dat ze niet alleen tot voorwerp van spot van/voor de koning, maar ook tot voorwerp van/voor de wellust van de bewakers zouden zijn
  • aci: inf. passief zonder subjectsaccusativus: als bij een aci niet vermeld staat aan wie iets "opgedragen" wordt, staat de inf. in het passief zonder subjectsaccusativus! Gewoon actief vertalen.
    • duci intra muros hortatur et arce locari: = (Thymoetes) spoorde aan (het paard) binnen de muren te brengen en op de burcht te plaatsen, (Aeneïs, II,33)
 
N.C.I werkt hetzelfde als de aci, maar is afhankelijke van passieve werkwoordsvormen en de accusativus is nu een nominativus:
  • gewone n.c.i.

  • nci met weglating van : "esse"
    • ducentas autem naves videbatur effecturus (esse) = hij scheen inderdaad 200 schepen bijeen te zullen brengen

Naast aci en nci is er nog een ander gebruik van de infinitivus:

  • infinitivus historicus: de infinitivus gebruikt als persoonsvorm:
    • Xenophanes primo ....mendacium struere = Eerst verzon Xenophanes de leugen .....
    • laetari prudentes amici eius, eamque rem ipsam dicere praebituram causam criminandi iuvenis.= waren zijn vrienden met een vooruiziende blik blij en zeiden dat juist die zaak een reden zou verschaffen om de jongeman te beschuldigen.
  • aanvulingsinfinitivus
    • na onpersoonlijke uitdrukkingen
    • na bepaalde werkwoorden
 
 

 

Latijnse grammatica

vormleer: deze behandelt de vormen, verbuiging en vervoeging van de verschillende woordsoorten

syntaxis: deze behandelt het vormen van structuur in zinnen en van zinsverband

stilistica en taaleigen
zie onder vormleer!


Syntaxis per onderdeel:

  1. participium
  2. ablativus absolutus.
  3. gerundi(v)um
  4. infinitivus constructies
  5. vraagzinnen
  6. modi in hoofdzin
  7. modi in bijzinnen
    1. van doel
    2. van oorzaak/reden
    3. vergelijkende
    4. van toegeving
    5. van voorwaarde
    6. van gevolg
    7. betrekkelijke
    8. van tijd
  8. nom. voc. locativus
  9. genitivus
  10. dativus
  11. accusativus
  12. ablativus