CvE minimumlijst
latijn
vereiste minimumkennis vormleer 2017:

De verbuiging van unus, duo en tres en overzicht telwoorden.

 

verbuiging unus, duo en tres :

 
M
V
O
M
V
O
M/V
O
M/V/O
Nom unus una unum duo duae duo tres tria milia
Gen unius unius unius duorum duarum duorum trium trium milium
Dat uni uni uni duobus duabus duobus tribus tribus milibus
Acc unum unum unum duo(s) duas duo tres tria milia
Abl uno una uno duobus duabus duobus tribus tribus milibus

De andere hoofdtelwoorden tot en met 100 worden niet verbogen. De honderdtallen zijn gewoon verbuigbaar, als de adiectiva op -us in het meervoud. Let op:
mille / milia:
  • ofwel onverbuigbaar bijv. nw: mille cives = duizend burgers
  • ofwel als zelfst. nw. + gen:
    • mille hominum = duizend mensen
    • mille passuum = duizend passen = 1 (Romeinse) mijl
    • viginti milia peditum = 20.000 voetknechten/infanteristen
Hoofdtelwoorden/Cardinalia

1 - 20
tientallen
honderdtallen+
unus, una, unum
1
decem
10
centum
100
duo, duae, duo
2
viginti
20
ducenti
200
tres tria
3
triginta
30
trecenti
300
quattuor
4
quadraginta
40
quadringenti
400
quinque
5
quinquaginta
50
quingenti
500
sex
6
sexaginta
60
sescenti
600
septem
7
septuaginta
70
septingenti
700
octo
8
octoginta
80
octingenti
800
novem
9
nonaginta
90
nongenti
900
decem
10
centum
100
 
undecim
11
 
mille
1000
duodecim
12
 
duo milia
2000
tredecim
13
 
tria milia
3000
quattuordecim
14
 
etc.  
quindecim
15
 
   
sedecim
16
 
   
septerndecim
17
 
   
duodeviginti
18
 
   
undeviginti
19
 
   
viginti
20
 
   
Rangtelwoorden/Ordinalia

1 - 20
tientallen
honderdtallen+
primus, prima, primum
1e
decimus
10e
centesimus
100e
secundus. alter
2e
vicesimus
20e
ducentesimus
200e
tertius
3e
tricesimus
30e
trecentesimus
300e
quartus
4e
quadragesimus
40e
quadringentesimus
400e
quintus
5e
quinquagesimus
50e
quingentesimus
500e
sextus
6e
sexagesimus
60e
sescentesimus
600e
septimus
7e
septuagesimus
70e
septingentesimus
700e
octavus
8e
octogesimus
80e
octingentesimus
800e
nonus
9e
nonagesimus
90e
nongentesimus
900e
decimus
10e
centesimus
100e
 
undecimus
11e
 
millesimus
1000e
duodecimus
12e
 
   
tertius decimus
13e
 
   
quartus decimus
14e
 
   
quintus decimus
15e
 
   
sextus decimus
16e
 
   
septimus decimus
17e
 
   
duodevicesimus
18e
 
   
undevicesimus
19e
 
   
vicesimus
20e
 
 
verbuiging: als de adiectiva op -us, -a, -um

 

Latijnse grammatica

  1. vormleer: deze behandelt de vormen, verbuiging en vervoeging van de verschillende woordsoorten
  2. syntaxis: deze behandelt het vormen van structuur in zinnen en van zinsverband
  3. stilistica en taaleigen
    1. algemeen:
      1. a - b
      2. c - m
      3. n - z
      4. narratologie
      5. argumentatie

Vormleer per onderdeel :

  1. zelfstandige naamwoorden
    1. geslachtsregels
  2. bijvoeglijke naamwoorden
    1. corresponderende
  3. bijwoorden
    1. corresponderende
  4. telwoorden
  5. voornaamwoorden
    1. aanwijzende
    2. onbepaalde
    3. vragende
    4. persoonlijke
    5. bezittelijke
    6. betrekkelijke
  6. verba algemeen
    1. onvoltooid act.
    2. onvoltooid pas.
    3. voltooid. act.
    4. voltooid pas.
  7. deponentia
    1. onvoltooid
    2. voltooid
  8. onregelmatige ww
    1. fio fieri
    2. nolo, volo
    3. sum, possum
    4. eo
    5. fero
  9. stamtijden
    1. gewone
    2. (semi)deponentia