studiehulp

ovidius 2002
livius 2003
cicero 2004
ovidius 2005
livius 2006

stt. uit CEVO voorkomend in pensum Livius

gewone stt
composita
(semi)deponentia


basiskennis

vormleer
syntaxis

 

4, 5, 6 gymnasium
latijn
stamtijden
deponentia-lijst naar perf.
perfectum praesens betekenis
adeptus sum adipiscor 3 verkrijgen
agressus sum aggredior 3 aanvallen
amplexus sum amplector 3 omarmen
ausus sum audeo durven, wagen
confisus sum confido vertrouwen
expertus sum experior 4 beproeven, proberen; ervaren
factus sum fio worden; gebeuren; gemaakt worden
fassus sum fateor 3 bekennen
fructus sum fruor 3 genieten van
functus sum fungor 3 vervullen
gavisus sum gaudeo blij zijn; zich verheugen over
lapsus sum labor 3 glijden; vallen, instorten
locutus sum loquor 3 spreken
meritus sum mereor zich verdienstelijk maken
mortuus sum morior 3 sterven
na(n)ctus sum nanciscor 3 (ver)krijgen
natus sum nascor 3 geboren worden
nixus/nisus sum nitor 3 steunen op; zich inspannen
oblitus sum obliviscor 3 vergeten
oppertus sum opperior 4 wachten
ortus sum orior 4 ontstaan, beginnen; opkomen (zon)
passus sum patior 3 verdragen, dulden; toelaten
pollicitus sum polliceor beloven
profectus sum proficiscor 3 vertrekken
questus sum queror 3 (be)klagen
raus sum reor menen
reversus sum revertor 3 terugkeren (ook pf.A: reverti !)
secutus sum sequor 3 volgen
solitus sum soleo de gewoonte hebben, gewoonlijk doen
usus sum utor 3 gebruiken
veritus sum vereor vrezen

wr.koopmans © 2000/02